Voltooid! Dit project lijkt momenteel geen gegevens meer te bevatten.

Resultaten zien

Schrijf je hier in voor onze mailinglijst en nieuwsbrief!

Het team

Rik Vosters

Rik Vosters doceert Nederlandse taalkunde aan de Vrije Universiteit Brussel, en doet onderzoek naar taalvariatie, taalverandering, taalnormen, taalplanning en taalcontact in het Nederlands, met een sterke voorliefde voor de achttiende en negentiende eeuw. Hij publiceerde diverse boeken, artikels en andere bijdragen over taalgebruik en taalnormen in de Nederlandse taalgeschiedenis. Zijn huidige onderzoek spitst zich toe op de 'taalgeschiedenis van onderop': door ook bronnen van minder geletterde schrijvers uit de lagere sociale klassen te bestuderen, probeert hij een vollediger beeld te krijgen van hoe het Nederlands in de achttiende en vroege negentiende eeuw daadwerkelijk geschreven én gesproken werd.

Gijsbert Rutten

Gijsbert Rutten is senior onderzoeker historische sociolinguïstiek van het Nederlands en universitair docent historische taalkunde van het Nederlands aan de Universiteit Leiden. Hij publiceert boeken en artikelen over de geschiedenis van het Nederlands, met veel aandacht voor taalvariatie, taalverandering en taalnormen. Hij concentreert zich daarbij met name op de zeventiende, achttiende en negentiende eeuw, en op zowel de Noordelijke als de Zuidelijke Nederlanden. Momenteel voert hij het door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) gefinancierde 'Going Dutch'-project uit over de invoering van een officieel taalbeleid in Nederland aan het begin van de negentiende eeuw. Daarin staan het taalbeleid, de ideologische wortels ervan, het onderwijs en ontwikkelingen in feitelijk taalgebruik centraal.

Marijke van der Wal

Marijke van der Wal is bijzonder hoogleraar Geschiedenis van het Nederlands aan de Universiteit Leiden. Haar publicaties liggen op het gebied van zowel de historische taalkunde als de historiografie van de taalwetenschap. Egodocumenten staan centraal in haar huidige historisch-sociolinguïstische onderzoek, dat in het bijzonder is gericht op de ‘taalgeschiedenis van onderop’. Zij heeft het, door NWO gefinancierde, onderzoeksprogramma Brieven als Buit succesvol afgerond, dat onder haar leiding van 2008 tot 2013 aan de Leidse universiteit werd uitgevoerd. Dit onderzoek heeft geresulteerd in een reeks van nationale en internationale wetenschappelijke publicaties, en heeft bovendien ruime media-aandacht en publieke belangstelling gekregen. Tegelijkertijd heeft zij het vrijwilligersproject Wikiscripta Neerlandica (2007-2012) opgezet voor het transcriberen van een aanzienlijke hoeveelheid 17de- en 18de-eeuwse brieven ten behoeve van het onderzoek. Een deel ervan is als het Brieven als Buit-corpus met uitgebreide zoekmogelijkheden voor iedereen beschikbaar.

Wim Vandenbussche

Wim Vandenbussche is hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de Vrije Universiteit Brussel. Hij voert onderzoek naar de sociale geschiedenis van het Nederlands, in het bijzonder wat de lange negentiende eeuw betreft. Zijn colleges bestrijken taalgeschiedenis, sociolinguïstiek en algemene taalkunde. Hij publiceerde over al die thema’s uitgebreid in binnen- en buitenlandse boeken en tijdschriften. Hij is stichtend lid van het Historical Sociolinguistics Network, en lid van onder andere de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (BE) en de Commissie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde (NL).

Jill Puttaert

Jill Puttaert is doctor in de historische sociolinguïstiek aan de Vrije Universiteit Brussel. In december 2019 voltooide ze succesvol haar doctoraat over het taalgebruik in de briefwisseling van mensen uit de zogenaamde lagere sociale klassen in de negentiende-eeuwse Lage Landen: zo onderzocht ze bijvoorbeeld bedelbrieven en soldatenbrieven. Haar project werd gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO). Vanaf 1 januari 2020 zal ze als postdoctoraal onderzoekster verder werken aan de Universiteit Leiden op het project Pardon my French? Dutch-French Language Contact in the Netherlands 1500-1900 dat sinds 2018 onder leiding van Gijsbert Rutten loopt. Binnen dit project wordt nagegaan hoe het Frans de Nederlandse standaardtaal precies beïnvloed heeft en wordt onderzocht welke attitudes er precies heersten in Nederland ten aanzien van de Franse taal.

Iris Van de Voorde

Iris Van de Voorde werkt als aspirant van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO) en de Vrije Universiteit Brussel aan een doctoraat in de historische sociolinguïstiek. Haar onderzoek gaat na hoe de huidige situatie van pluricentriciteit in het Nederlandse taalgebied, waarbij er meerdere centra voor taalnormen aanwezig zijn, historisch gegroeid is. Daarvoor verzamelt ze formele en minder formele bronnen van de 16de tot de 19de eeuw, om te onderzoeken in welke mate er ook taalhistorisch gezien sprake was van Noordelijk en Zuidelijk Nederlands als twee aparte variëteiten. Ze werkte bovendien als student-assistent mee aan de opstart van het Wikiscripta Neerlandica II-project.

Charlotte Verheyden

Charlotte Verheyden is doctoraal onderzoeker aan de Vrije Universiteit Brussel. Na het voeren van hedendaags sociolinguïstisch onderzoek voor haar masterthesis, focust ze zich voor haar doctoraat op historische sociolinguïstiek. Ze onderzoekt de verfransing van het Nederlands in de negentiende en begin twintigste eeuw, aangezien dit een veelbesproken maar opvallend weinig onderzocht onderwerp is. Voor dit onderzoek werkt ze met brieven die geschreven zijn door West-Vlaamse soldaten aan hun familie en vrienden tijdens de Napoleontische oorlog en de Eerste Wereldoorlog.

Yasmin Crombez

Yasmin Crombez is een doctoraatsstudente aan de Vrije Universiteit Brussel. In het kader van haar bachelor- en masterproef deed ze onderzoek naar de huidige invloed van het Engels op het Nederlands. Voor haar doctoraat echter, stelt ze de vraag welke impact het Engels had op het Nederlands van Vlaamse emigranten die naar Amerika verhuisden eind 19de, begin 20ste eeuw. Om dat fenomeen te bestuderen, maakt ze enerzijds gebruik van brieven die emigranten stuurden naar het thuisfront, en anderzijds van Vlaamse kranten die uitgegeven werden in de VS.

Brenda Assendelft

Brenda Assendelft werkt als promovenda aan de Universiteit Leiden. Ze onderzoekt taalveranderingen die het Nederlands heeft ondergaan onder invloed van het Frans in de zestiende tot en met de negentiende eeuw. Hiervoor gebruikt zij Nederlandstalige teksten die afkomstig zijn uit de stad Leiden. De teksten representeren verschillende domeinen uit de vroegmoderne stedelijke samenleving, waaronder de academie, het privéleven, liefdadigheid, literatuur en religie.

Eline Lismont

Eline Lismont werkt als doctoraatsstudente aan de Vrije Universiteit Brussel, waar ze historisch-sociolinguïstisch onderzoek verricht. Haar project wordt gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen (FWO)en gaat na in hoeverre de standaardisatie van het Nederlands een proces ‘van bovenaf’ is. Zo onderzoekt ze onder meer of taalnormen die werden opgelegd in spellingsgidsen en spraakkunsten ook werden geïmplementeerd in het taalgebruik. Om na te gaan in welke mate de taalregels van grammatici een invloed uitoefenden op het taalgebruik, maakt ze gebruik van formele en minder formele bronnen van de 16de tot de 19de eeuw.

Julie Van Ongeval

Julie Van Ongeval werkt dit jaar haar bachelor Taal- en Letterkunde: Nederlands-Frans af aan de Vrije Universiteit Brussel. In haar bachelorproef bestudeert ze de verschuiving van betrekkelijke voornaamwoorden die en dat (bijv. het kind dat ik zag) naar de vormen wie en wat (bijv. het kind wat ik zag). Ze gebruikt hiervoor onder andere heel wat egodocumenten die binnen het Wikiscripta-project werden getranscribeerd. In december 2019 heeft ze de fakkel van Heleen Willemsen overgenomen en sindsdien werkt ze mee als student-assistent aan het Wikiscripta Neerlandica II-project.